dinsdag 4 november 2014

Weerrecords

De laatste jaren zien we vaak warmterecords (en enkele kouderecords)  aangescherpt worden.
Dit jaar lijkt op weg naar een warmterecord,  tenzij de tweede helft van november en/of december de boel omslaat en we de ijzige kou over ons heen krijgen.

Hoe evolueerden warmterecords? *

*Tussen 1901 en nu,  daarvoor zijn er uiteraard ook hele koude of warme maanden geweest

Voor januari stond het record vanaf 1901 een dik decennium op 4,6 graden in 1902  tot in 1916 de wintermaand erg zacht verliep met 6 graden.
5 jaar later was het nog iets zachter met 6,2 graden.
Dit record zou vervolgens maar liefst 54 jaar blijven staan,  toen ging de januari van 1975 er met enkele honderdsten overheen.
Een volgende aanscherping zou 32 jaar op zich laten wachten,  met bijna 1 graad verschil zou januari 2007 over 1975 heen gaan.
Ook 2008 was zachter dan 1975,  maar moest toch nog ruim een halve graad op 2007 toegeven.

Het kouderecord stond even op 1901 (-0,3),  werd in 1908 verbroken (-1,2)
21 jaar later ging 1929 er weer onder  (-1,4).
11 jaar later werd dat record verpulverd in 1940  met -5,5 graden.
Dat record staat nog steeds,  dus al 74 jaar..

Februari was in 1901 ook koud met - 0,9 graden.
16 jaar later werd dit verbeterd met 0,6 graden (- 1,5)  om 12 jaar later compleet overklast te worden door de ijskoude februari van 1929 ( - 5,4) .
Dit record stond 18 jaar en werd ingehaald met één tiende ( - 5,5 in 1947).
Weer 9 jaar later stootte 1956 naar de kroon,  deze februari staat nog steeds eenzaam bovenaan met - 6,7 als gemiddelde temperatuur..

Qua zachtheid gold 5,6 graden (1903)  lang als record.
In 1914 was het enkele honderdsten warmer  en het was 1926 waarin het record pas duidelijk werd aangescherpt  met 0,7 graden.
Pas weer 35 jaar later was er een vergelijkbare temperatuur: 1961 met enkele hondersten verschil.
Weer 29 jaar later wist de stormachtige februari 1990 het record een fikse tik naar boven bij te stellen met 7,6 graden (1,3 graden warmer).


Bij de lentemaand maart verliep het zo:

1903  7,1 graden
1912  7,5 graden
1938  7,7 graden
1957  8,4 graden
1990  8,5 graden
1991  8,8 graden

Qua kou

1901  3,5 graden
1909  3,0 graden
1917  5,5 graden
1955  5,5 graden (enkele honderdsten kouder?)


April,  waar het warmterecord vaak opnieuw verscherpt werd:

1904   9,7 graden
1914  10,1 graden
1934  10,3 graden
1943  10,5 graden
1961  10,5 graden
1987  10,7 graden
1993  11,1 graden
2007  13,1 graden
2011  13,1 graden


Top 3 aprils 50 jaar geleden

01 1961  10,5
02 1943  10,5
03 1949  10,4

Top 3 nu

01 2011  13,1 graden
02 2007  13,1 graden
03 2009  12,2 graden

Dat verschil!


Het record van koelste april stond op:

1903   5,6 graden
1917   4,6 graden

En daarna nooit meer verbroken:  een antiek record van bijna een eeuw inmiddels.


Met mei en het koude record zijn we gauw klaar:  in 1904 was het gemiddeld 9,2 graden  en dat is in de 112 jaar die volgden niet meer verbeterd.

Voor wat de warmte betreft:

1901  12,2 graden
1903  12,8 graden
1911  14,0 graden
1917  14,7 graden
1947  15,1 graden
1992  15,6 graden
2008  15,7 graden


Veel maanden hebben warmterecords die stammen uit de afgelopen 25 jaar.
Echter juni is een uitzondering:  hier stamt het record (18,3 graden) uit 1917!  
Komende juni alweer 98 jaar geleden,  tijd om eens scherper te stellen lijkt me.

Het koelterecord is ook bijna 92 jaar oud,  11,6 graden in 1923.


Julikou gaf 1902   zeven jaar lang een toppositie met 15,5 graden.
In 1907 is het 1,6  graden kouder met 13,9 graden.
1919 doet dit over  en staat samen met 1907 nog altijd kil onderaan.


De juli van 1901 was warm  en dat warmterecord van 18,7 graden hield 22 jaar stand.
Juli 1923 haalde 18,9 graden.

Vervolgens  1941  (19,2 graden) ,  1976  (19,3 graden),  1983 (20,1),  1994 (21,3)  en als voorlopig laatste: 2006 (22,3)

Augustus


1911  19,4 graden
1947  19,8 graden
1975  19,9 graden
1997  20,5 graden

De koudere records:

1902  14,8 graden
1912  14,1 graden
1956  14,0 graden


Het kouderecord van september heeft de eeuw inmiddels te pakken,  1912 was de koudste september  en deed dit zo goed dat het record nog steeds staat (10.7 graden).
Het record van 1904 werd daarmee ruimschoots verbroken (12,4 graden).


Warmterecord in september:

1901 14,7 graden
1926 15,4 graden
1929 16,0 graden
1947 16,8 graden
1949 17,2 graden
1999 17,4 graden
2006 17,9 graden


Dat van oktober kende de volgende evolutie:

1901  10,3 graden
1906  11,8 graden
1921  12,7 graden
2001  14,2 graden

Een record dat na 80 jaar verpulverd werd.
Inmiddels staat 1921 al op de vijfde plek,  aangezien 2005, 2006 en 2014 er ook overheen gingen.


November

1901  5,3 graden
1906  7,9 graden
1913  8,4 graden
1938  8,7 graden
1994  10,1 graden

Qua koude:

1901 5,3 graden
1902 3,7 graden
1910 3,4 graden
1915 2,9 graden
1919 1,8 graden
1921 1,2 graden

Allemaal uit grootvaders tijd (of de vader van grootvader)


December heeft ook een warmterecord dat vrij scherp staat en dit jaar 40 jaar oud is:  7,3graden in 1974.
Het record versloeg de 7,2 graden van 1934.
In 1934 had men 16 jaar gewacht op de verbetering van de zachte december 1918 (5,8 graden),  8 jaar daarvoor was het 5,7 graden gemiddeld.

Het kouderecord:

1901  2,9 graden
1902  en 1903  0,8 graden
1906  0,2 graden
1917  - 0,0
1927  - 1,2
1933  - 2,1


Oudste record:  koelste mei,  het record staat al 110 jaar.
Jongste record:  Warmste april  (2011)
Meeste jaren tussen oud record en het verbreken daarvan:  56 jaar (warmterecord november, tussen 1938 en 1994)
Grootste verschil in verbreken record:  4,1 graden (tussen het kouderecord van januari 1929 en januari 1940)











maandag 13 oktober 2014

Mooi-weer punten deel 2

Een tweede deel van een overzicht aan mooi-weer punten.

De maanden maart,  augustus en september heb ik ook nog meegenomen in de tellingen.
Oktober is het overwegen nog waard, maar maanden als november, december, januari en februari geven waarschijnlijk veel negatieve scores.

Maart kent enkele topmaanden met veel zon en zacht voorjaarsweer  en dat is dus ook terug te zien in de puntenlijst.
Dit jaar kende duidelijk de allermooiste maart ,  maar ook een aantal andere recente jaren staan hoog in de lijst.
De koude maart van 2013 bevindt zich zelfs nog in de middenmoot.
Onderaan staat de druilerige maart (ruim 140 neerslaguren) van 1988,  gedeeld met een eveneens natte en sombere lentemaand in 1981.
Sowieso was maart van 1978 tot en met 1981 blijkbaar niet bepaald een maand waarin je al kon genieten van regelmatig lenteweer.

01  2014  2114
02  2003  1853
03  1993  1808
04  2011  1770
05  2012  1653
06  1948  1607
07  1972  1572
08  1949  1450
09  2002  1432
10  1990  1425


61  1992      99
62  1978      96
63  1979      67
64  1980      47
65  1998      46
66  2001      19
67  1966    - 78
68  1975    - 83
69  1988 - 679
=    1981 - 679


Hoewel augustus dit jaar een koele en tegenvallende periode kende  eindigde ze niet eens onderaan.
De topzomers domineren de top-10 zoals verwacht.
2003 slechts vijfde,  ondanks een lange hittegolf.
Net buiten de top-10 valt onder meer 2013 en -vrij verrassend-  1984,  wat een vrij koele zomer was.
Ook de gematigde augustus van 1974 haalde de top-20,  mede door weinig neerslag.
1956 had een augustus die volgens de overleveringen erg slecht was,  toch zijn er nog drie die minder mooi-weer punten wisten binnen te halen,  waaronder 2006!

01  1947  3978
02  1975  3729
03  1995  3497
04  1976  3440
05  2003  3003
06  1997  2895
07  1973  2857
08  1991  2850
09  1983  2731
10  2009  2705

61  1957  1296
62  2010  1268
63  1954  1187
64  2011  1179
65  1945  1144
66  1977  1041
67  1956  1020
68  1960    988
69  2006    894
70  1963    432


Na de tegenvallende augustus wist de voorbije september een plaatsje in de top-10 mooiste septembers te bemachtigen.
In 2006 werd de slechte augustus ook ruimschoots goed gemaakt  en in 1947 ging het prachtige weer dus -zonder terugslag-  nog even door in september.
Onderaan bungelt de kletsnatte herfstmaand van 1957  met -174 punten  en ook 1984 scoorde negatief.


01  1959  2924
02  2006  2349
03  1947  2348
04  1969  2123
05  2003  2069
06  2014  2099
07  2005  1977
08  1971  1943
09  1949  1882
10  1999  1814


61  1974    657
62  1990    611
63  1968    594
64  1988    590
65  1950    244
66  2001    204
67  1993    201
68  1994    136
69  1984    - 55
70  1957  - 174

maandag 18 augustus 2014

Mooi-weer punten

Van veel maanden is wel bekend dat ze danwel heel mooi, danwel slecht waren.
De ene juli of juni verloopt in dit land de ene keer als topzomer en de andere keer is het een draak van een maand.

Een sommetje om een gevoel te geven van hoe goed of slecht een maand was maakte ik met de volgende gegevens:

De gemiddelde temperatuur x 10
Het aantal zonuren x 10
Het aantal warme,  zomerse, tropische en ADS-dagen x 10

- Het aantal uren neerslag (ook x 10).

Hiermee zijn vooral de zonuren en de neerslagduur belangrijk (dus niet de neerslagsom omdat het aantal millimeter neerslag niet altijd hoeft te betekenen dat het een hele slechte of hele goede maand was, maar de duur van de neerslag geeft een betere indicatie).

Tot dusver heb ik de maanden april, mei, juni en juli van 1945 tot en met 2014 bekeken en dat levert de volgende toplijstjes op.

De beste aprilmaanden zijn:

01  2007  3361 punten
02  2011  2911
03  2010  2457
04  1974  2401
05  2009  2362
06  1976  2315
07  2003  2299
08  1952  2243
09  1996  2194
10  1954  2117

2007 en 2011 steken er bovenuit,  2014 komt op plaats 21,  verrassend achter 2013 (plaats 15).
Niet alle mooie aprilmaanden verliepen warm,  er zitten ook een aantal koelere tussen, die dankzij veel zonuren en weinig neerslag hoog uitkomen.

Helemaal onderin zien we:

60  1992    637
61  1983    635
62  1965    607
63  1962    580
64  1979    568
65  1975    435
66  1966    434   
67  1989    379
68  1998    254
69  1970    131

Waarschijnlijk door de tweede wereldoorlog, die toen bijna op zijn einde liep in ons land ontbreken gegevens van zonuren en neerslag in april 1945.

In mei zien we dat 1989 eenzaam op kop staat,  wat niet vreemd is met zoveel uren zonneschijn.
Waar april 1989 nog in de top-3 slechtste aprilmaanden valt,  deed mei van dat jaar dus deze maand compleet vergeten.
2001 is wat mij betreft ook een verrassing,  ik wist wel dat het een mooie mei was, maar niet dat hij boven 2008 uit zou komen.

01  1989  3846
02  1959  3174
03  1992  3166
04  1990  3139
05  1980  2973
06  2001  2971
07  2008  2857
08  2011  2620
09  1993  2605
10  1976  2463

Bij de slechtste 10 is heel duidelijk te zien hoe slecht de meimaand van 1983 moet zijn geweest.
Deze heeft een negatieve score,  wat vrijwel zeldzaam is in deze tijd van het jaar!
Zelfs de matige meimaand van 1984 doet het ruim 700 punten beter.

61  1996  1205
62  2013  1165
63  1963  1160
64  1972  1158
65  1987  1142
66  1968  1010
67  1994    994
68  1962    960
69  1984    666
70  1983    - 44

In juni zie je het begin van de mooie zomer van 1976.
Deze juni steekt er bovenuit,  maar wordt gevolgd door 5 andere juni's met meer dan 3000 punten.

01 1976  3550
02 1959  3270
03 1970  3256
04 2010  3244
05 2003  3128
06 1973  3080
07 1957  2943
08 1950  2933
09 1947  2875
10 2006  2827

Onderaan is 1991 te vinden:  een erg slechte juni die wellicht in ruim 100 jaar niet zo slecht was.

61  1971 1279
62  2012 1239
63  1977 1236
64  1985 1097
65  1956 1078
66  1990 1030   
67  1998 998
68  1981 982
69  1987 429
70  1991 210

Bij juli is ook goed te zien hoe 2006 (en op gepaste afstand 1994) er bovenuit steken.
Niet alleen in de hoogste gemiddelde temperatuur, maar ook overall komen ze helemaal bovenaan uit en laten legendarische zomers als 1947 en 1983 ruim achter zich.

01  2006  4043
02  1994  3764
03  1947  3389
04  1983  3371
05  1959  3295
06  1995  3071
07  2010  3069
08  1967  3052
09  1999  3031
10  1949  3024

Op 11 volgt de juli van vorig jaar en 2014 bevindt zich ook net in de top-25,  ondanks het wisselvallige karakter.

61  1966  1134
=    1960  1134
63  1956    984
64  2000    945
65  2011    939
66  1993    931
67  1980    928
68  1965    889
69  1954    713
70  1988    700

woensdag 7 mei 2014

De meidip

Over het algemeen is mei een mooie maand,  de natuur is in volle bloei met frisgroene bladeren.
De temperaturen zijn vaak aangenaam: niet te heet en niet vaak te koel.

Echter kent de aanloop naar de zomer ook regelmatig een flinke terugval, die verschillende namen krijgt toebedeeld zoals de 'Europese Moesson' of  Schaapscheerderskou (in juni).
De buien van gisteren waren het begin van zo'n dip,  met lagere temperaturen en geregeld buien of langere perioden regen.

Sommige meimaanden kruipen niet meer uit het dal,  maar soms blijft het bij een week of twee weken wisselvallig weer.

Vorig jaar begon de meimaand nog aardig,  maar sloeg het verval toe en verliep een groot deel van de maand koel,  nat en somber.
Daarna krabbelde het weer op met een mooie periode in de eerste helft van juni, maar na een wisselvallig intermezzo kwam het ook tot een prima juli en augustus.

In 2010 was het met name de eerste helft van mei erg koel en somber,  gewoonweg dikke-truienweer.
Het kwam in juni en juli wel goed met de zomer.

2007 kende na een lange droogte een omslag na de eerste week van mei.
Er viel veel -voor de natuur broodnodige- regen, maar eind mei en begin juni was het opnieuw warm.
De rest van de zomer verliep wisselvallig.

In 2006 was de eerste helft van mei erg zomers, maar de tweede helft was totaal anders met herfstachtig, wisselvallig weer.
Tegen de maandwissel met juni sloeg het om en volgden twee warme zomermaanden.

2003 had een erg wisselvallige meimaand, echter tegen het einde sloeg het om en volgde een lange zomer.

In 2000 kende de eerste helft van mei een heuse voorzomer met een serie warme zonovergoten dagen.
Ook hier sloeg het weer om en de tweede meihelft was sterk wisselvallig,  inclusief zware meistorm.
In juni volgde aardig zomerweer.

1997 kende een warme start, gevolgd door een terugval met geregeld regen.
Later in de maand werd het droog en was dat een begin van een eerste warme en mooie fase van de zomer,  die uiteindelijk vooral in augustus heet zou uitpakken.

Twintig jaar geleden kende met name de tweede helft van mei somber en wisselvallig weer,  het zette ook nog even door begin juni, maar daarna sloeg het om en volgde een groot deel van de zomer erg warm weer.
Ook het jaar daarna was er verval eind mei en in de eerste helft van juni,  dit was echter gauw vergeten toen juli en augustus droog en warm verliepen.

In 1991 was mei niet zozeer nat, maar wel koel.
Ook juni verliep koel en daarbij ook erg nat,  volgens sommigen de slechtste juni van de voorbije eeuw.
Gelukkig was de rest van de zomer wel weer goed te noemen.

Nog langer geleden,  in 1983, was mei een slechte maand.
Een magere lente werd in stijl afgesloten met veel regen en een hemelvaartstorm.
De zomer die volgde was echter geheel anders: dit werd één van de mooiste zomers van de afgelopen 50 jaar.

Andersom komt het ook voor dat een mooie meimaand een matig vervolg krijgt in de zomer.
Enkele voorbeelden zijn onder meer 2011, 2008, 1998, 1993, 1988, 1980 en 1978.
Ook een wisselvallige meimaand met (deels) matige zomer komt wel eens voor,  maar dat gebeurt dan weer niet zo vaak  en kwam ook vaker voor in onder meer de jaren '80 en jaren '60.

woensdag 29 januari 2014

De voorgeschiedenis van een koude of zachte winter.

Aan de hand van kou of warmte in de maanden voor een winter is weinig concreets te vinden om te spreken van een voorspellende waarde.Na een warm najaar hoeft de winter niet erg zacht te zijn,  of na een koud najaar ook een koude winter te volgen.  Ook kan na een koele zomer zowel een koude als zachte winter volgen en vice versa.
Toch zijn er wel een aantal leuke stukjes voorgeschiedenis te vinden,  waarbij een patroon in de winter doorzette  of compleet omsloeg.

De koude voorgeschiedenis van de winter 1962 - 1963

In de winter van 1961 was het rond kerstmis koud geweest, hier vond een korte maar felle koudegolf plaats van 5 dagen te De Bilt.
De rest van de winter stelde niet heel veel voor,  maar in het voorjaar van 1962 wilde het niet echt warmer worden.
Maart kwam uit op slechts 2 graden gemiddeld  met vaak aanvoer van lucht uit het noorden en noord-oosten. 
Waar april niet opvallend koud verliep  was mei ook een erg koele maand met wisselvallig weer en periodes waarin opnieuw de kille wind uit het noorden opstak.
De zomer startte zonnig en vooral ook droog,  maar met de bries vanuit noordelijke richtingen in combinatie met heldere nachten kon het ook begin juni flink afkoelen.
De rest van de zomer werd het voornamelijk koel en wisselvallig weer,  met slechts af en toe een opleving van de temperatuur. 
Alleen 1903 en 1956 hadden een nog koudere zomer gehad  en in de herfst was het enkel oktober waarin het wat zachter was dan wat het gemiddelde was voor die tijd.
Na een zachte start van november daalden de temperaturen opnieuw  en de straalstroom meanderde sterk,  waardoor blokkades makkelijk kunnen ontstaan,  in november blijkt de straalstroom zich in onze regionen erg noord- zuid te richten,  waardoor koude lucht uit het noorden makkelijker binnen kan stromen.
De tweede helft van november is al behoorlijk koud,  met winterse buien.
Met vervolgens een aantal echt koude (ijs)dagen tegen het einde van november had de winter zijn eerste plaagstoot gegeven.
Onder invloed van een hogedrukgebied is het begin december winters,  met een bijzonder mistige sinterklaas
De eerste vorstperiode van december wordt beëindigd met een periode van zacht en nat weer,  maar rond kerstmis valt de winter in om ruim twee maanden nauwelijks nog van zijn plaats te wijken.


Hoe een westcirculatie maar door bleef denderen (winter 1974 - 1975)

De zomer van 1974 was niet bepaald eentje om over op te scheppen,  het was zelden warm en mooi te noemen.
Van nazomer was ook amper sprake,  want de herfst begon,  bleef en eindigde met voornamelijk regen, regen en nog eens regen.  Vooral oktober viel niet alleen op in natte, maar ook in koude zin. Met slechts 7 graden gemiddeld was de herfstmaand erg koud te noemen.
De relatieve kou leek veelbelovend,  maar de depressietrein denderde ongestoord voort,  waarmee december zelfs enkele tienden graden warmer verliep dan oktober!
In januari begon de vaart wat uit de westcirculatie te raken,  maar op een beetje kou in februari na scoorde de winter nauwelijks.


Weergrillen in de aanloop naar 1979

Na een zachte januari 1978 volgde een februari waarin het een aantal dagen aardig vroor.
De vorstperiode werd afgewisseld door een snelle dooiaanval waarbij het een aantal dagen later 13 graden in de plus werd.
In maart kon de temperatuur van mild lenteweer ook plots omgaan naar winters,  inclusief ijzelproblemen.  Daarnaast was er ook zo'n dip in april waarbij er op sommige plaatsen in het westen van het land meer dan 10 centimeter sneeuw viel.
In mei en begin juni was het aardig lente -en zomerweer,  maar verder in de zomer volgde een koele en natte periode,  waarmee de zomer ook als te koud de geschiedenis in gaat.
De herfst van 1978 was over het algemeen een rustige,  met een afwisseling van nazomerse perioden en koudere dagen.
Wel viel er eind september veel regen uit kille najaar -en onweersbuien.
December 1978 kende een sterke afwisseling van koude periodes en hele zachte periodes met tijdens de overgangen ijzel  en soms zware regenval.  Toen eind december het zeer zachte weer opnieuw werd verdreven viel de winter ook goed in,  met transportkou en geregeld sneeuw en ijzel.
Opvallend is dat in de aanloop naar de echte kouperiode je al een aantal malen het voorspel zag in de vorm van hogedruk bij Groenland en Scandinavie waarbij de depressies naar het zuiden werden gedrukt of zelf bijna uitgeperst tussen de hoge druk uit het noorden en die in het zuiden.

Voorspel vs. de klapper met oudjaar 1978.







Het voortraject leek nog zo goed (winter 1993 - 1994)

Het deed een beetje aan de voorgeschiedenis van 1962 - 1963 denken,  dat weerjaar 1993.
Echter was de gelijkenis vooral in het weer vanaf de zomer,  want de lente was juist warm en zonnig verlopen.
In de zomer was het koeler geworden, met vanaf midden juli ook de nodige regen.
Ook het najaar verliep in de regel te koud voor de tijd van het jaar.
November deed er nog een schepje bovenop met een erg koude periode in de tweede helft van de maand.
Een klassieke wintersetting met krachtige hogedruk boven Scandinavie,  waarmee een eerste serieuze winteroffensief een feit was. 
Winterliefhebbers hoopten op een herhaling van 1963,  maar eens de dooi en de westcirculatie begin december waren ingevallen bleef deze het grootste deel van de winter heersen.

Winterse drukverdeling in november





















De dooiaanval  is ingezet,  wie zou winnen?  de hogedruk of de oceaaninvloeden?
























De depressies hebben gewonnen: de westcirculatie draait op volle toeren, inclusief een zware storm.



De warme voorgeschiedenis van de zachtste winter (2006 - 2007)

Na een frisse start van 2006 warmde het behoorlijk op.
April was al aan de warme kant,  terwijl mei vooral in de eerste helft zomers was.
Na een dip met flink wisselvallig weer in de tweede helft van mei volgde in juni en juli twee hittegolven en overall erg warm zomerweer.
Hoewel augustus niet meedeed en vooral regenachtig was, verliep het najaar ook bijzonder warm.
Waar in 2005 het patroon later in het najaar omsloeg van zacht nazomerweer naar winters weer (hoewel het echte winterweer op afstand bleef),  bleef het in de winter van 2006  - 2007 ook te warm.
Vooral januari spande de kroon met boterzachte zuidwestenwinden en een zware herfststorm.



dinsdag 28 januari 2014

Verbanden zoeken in het weer: de wintereditie (1901 - 2013)

Een hele tijd geleden plaatste ik al eens een bericht waarin ik bekeek of neerslagsommen en temperaturen in maanden of seizoenen vooraf aan de zomer  een klein verband konden laten zien.
Hieruit kon ik enkele licht afwijkende dingen halen,  zoals dat de kans op een droge zomer na een natte lente bijvoorbeeld groter is  en dat warme en droge lentes veel minder kans bieden op een droge zomer.

Of er na bijvoorbeeld een warm najaar een zachte winter volgt,  of na een koude winter een nieuwe koude winter? 
Dit onderzoekje met gegevens van De Bilt gaf minder opvallende feiten dan het zomeronderzoek,  hetgeen overigens niet vreemd is in ons grillige klimaat.

Toch zijn er een paar dingen die opvielen.

Voorafgaande aan de dertige zachtste winters  waren er 11 zomers die zeer koel verliepen,  maar ook 11 zomers die erg warm verliepen,  hiermee slechts 8 "normale" zomers overlatend die voor een zachte winter kwamen.
5 van de droogste zomers gingen aan een zachte winter vooraf,  tegen 10 van de natste zomers.
Ook redelijk opvallend is het feit dat er 10% meer koele julimaanden dan warme aan een zachte winter vooraf gingen.

Bij koude winters zien we dat er vrij weinig koude oktobers aan vooraf gingen (5 van de 30),  maar wel ruim 30% van de koelste zomers en koelste lentes.
Minder vreemd lijkt het feit te zijn dat er slechts 5 warme septembers, zomers en lentes aan een koude winter vooraf gingen.
Ook zie je goed terug dat koude winters vaak in clusters komen,  want aan een koude winter ging 11 van de 30 keer ook een koude winter vooraf  en slechts vijf maal een erg zachte winter.

Een uitzonderlijk jaar hierin is 1996:  een koude winter na zowel een zachte winter als een warme zomer in 1995.


woensdag 15 januari 2014

De natste maand in Gemert: september 2001

September 2001 is één van de natste maanden van de voorbije eeuw.
In De Bilt moet hij twee andere maanden voorlaten,  maar in Gemert is de maand met 198 millimeter neerslag de natste sinds de metingen.

Een kleine terugblik naar hoe die som tot stand kwam.


De voorgeschiedenis:

In augustus zaten we nog in een hittegolf met het hoogtepunt op zaterdag 25 augustus.
De volgende dag draaide de wind en hier koelde het vrijwel geruisloos af,  terwijl het in het westen van het land flink onweerde.
Daarna volgde definitieve verkoeling  en de maand eindigde met enkele regenbuien die het begin van een zeer natte periode zouden inluiden.

Septemberregen

De maand startte met een vriendelijke dag,  met op een enkele plaats een bui.
De volgende dag meer bewolking door een warmtefront,  waarbij het soms wat miezerde  en het koufront dat volgde bleef een beetje hangen boven het land waardoor er geregeld buien vielen op de derde van september.
Achter het koufront volgde onstabiele lucht waarin nieuwe buien ontstonden en op veel plaatsen in twee dagen veel regen naar beneden kwam.
In Gemert werd op 4 september 20,5 millimeter afgetapt.
Op 5 september was het even wat mooier weer,  maar dat duurde niet lang dankzij een volgend front van een depressie dat op 6 september een verse 17 millimeter regenwater achterliet.
Een volgende depressie ontstond en smolt samen met de depressie die al boven de oostzee lag.
Hierbij viel opnieuw regen en na de regenzone volgde een herfstachtig en buiig weertype in de onstabiele koele lucht.
Buien met hagel, onweer en windstoten kwamen op meerdere plekken in het land voor  en in september is het vaak het natst aan de kust,  echter werd Gemert ook niet bepaald slecht bedeeld in de regenhoeveelheden.
Tussen de regenzones en buien door scheen op de beruchte 11 september en 12 september wel regelmatig de zon.

Volop herfst

Een volgende depressie trok van Schotland richting de zuidelijke noordzee  en liet een nieuwe plas regen vallen.  Op de trog die volgde waren er enkele stevige plensbuien om het af te maken.
Ook de volgende dag vallen buien  en het was nog niet lang droog of een koufront kwam weer wat regenwater brengen.
In het weekend van 15 en 16 september vielen ook een aantal buien,  waarbij nu het westen de grootste hoeveelheden te pakken had en Gemert ietsje bescheiden achterbleef met ongeveer 13 millimeter in twee dagen.
De kraan ging echter niet dicht,  want er was een nieuwe depressie ontstaan boven midden Europa  en een aparte kern trok via een minder gebruikelijk pad van Zweden naar België.
Dit leverde uiteraard weer een bak regen op,  terwijl ook de hoofdkern van de depressie besloot om vanuit Polen een bezoek te brengen aan de lage landen.
Dit ging met name op 19 september gepaard met een heleboel regen,  in Gemert viel 21 mm  en dat was niet eens zo nat  aangezien het westen de volle lading meekreeg.
Hoek van Holland ving 107 mm op  en een groot deel van het Westland stond blank, met de nodige schade tot gevolg..
De depressie bleef vervolgens wat op zijn plaats hangen,  waardoor er dagelijks wel een aantal buien vielen,  echter ditmaal geen grote sommen opleverend.
In de slotweek van de maand werd het wat rustiger weer met meer zon, mistige ochtenden en af en toe een bui.

De laatste regen van de maand kwam van achtereenvolgens een warmtefront (die in het noorden tot stilstand kwam en daar veel regen gaf), een koufront op de 29e en daartussen geregeld ruimte voor de zon.
De maand eindigde met lichte regen in de avond van de 30e,  waarop nog een natte eerste oktober zou volgen, voordat het later in die maand nog nazomers warm zou worden.

Neerslagcijfers te Gemert (aftappingen in de ochtend)

1 september       3,1 mm
2 september         0  mm
3 september       5,1 mm
4 september     20,5 mm
5 september       5,7 mm
6 september     17,2 mm
7 september       9,7 mm
8 september       6,3 mm
9 september       7,2 mm
10 september   13,2 mm
11 september     7,8 mm
12 september     4,5 mm
13 september     9,3 mm
14 september     4,1 mm
15 september      3   mm
16 september     6,7 mm
17 september     7,2 mm
18 september   13,2 mm
19 september        0 mm
20 september      21 mm
21 september     5,4 mm
22 september     2,4 mm
23 september     1,9 mm
24 september     2,4 mm
25 september     0,2 mm
26 september     0,4 mm
27 september     5,4 mm
28 september     8,9 mm
29 september        0 mm
30 september     6,2 mm

Maandsom:      198 mm

zondag 8 december 2013

De storm van 3-4 december 1960

Afgelopen donderdag was er een zware storm in het noorden van het land.
Deze gaf de nodige overlast,  maar zeker qua regen viel deze in het niet bij de storm begin december 1960.

Deze bracht naast veel wind ook een grote bak regen met zich mee.
Vooral in het noorden viel er zoveel water (Als topper Joure met 84 mm)  dat Friesland voor een aanzienlijk deel onder water liep  en er veel schade aangericht werd.

Het neerslagkaartje bij deze dag laat zien dat heel Nederland te maken had met veel regen,  enkel in Limburg viel op een aantal plaatsen minder dan 20 millimeter.
Maarliefst 103 neerslagstations tapten 50 millimeter of meer af in de ochtend van 4 december,  een uitzonderlijke situatie dus.

De weerkaart van Wetterzentrale laat een omvangrijke depressie zien die ons weer zodanig verpestte.
En de neerslagkaart van die verzopen ochtend:  dat delen van Friesland compleet ondergelopen waren zal niemand verbazen..






















dinsdag 22 oktober 2013

Hoe was het weer in? 1972

De winter 1971 - 1972 was zacht van start gegaan.
December was erg zacht, maar ook vrij droog.

Tegen het einde was de temperatuur gezakt en volgde januari de lijn van temperaturen veelal op -of onder het vriespunt.
Een beetje gekwakkel dus:  weinig echt strenge vorst,  maar ook zelden echt zacht.
De echte kou bleef ten oosten (iets vergelijkbaars zagen we ook in de winter van 2006).

Februari modderde een beetje voort op een iets hoger temperatuurtje,  maar veel had deze maand niet om het lijf.
In zijn totaliteit verliep de winter wel behoorlijk droog.

In de eerste helft van maart duikt de temperatuur even nog naar de min,  maar na de koude 12 maart ( -0,3 °C gemiddeld) nam het kwik een flinke sprong.
Geen taferelen dus zoals vorig jaar met een heuse koudegolf,  maar volop lenteweer.
Een periode midden maart met veel zon en hoge temperaturen.
Zo werd het op 15 maart al 18 graden  en op de zestiende ging het kwik al bijna richting de twintig!

April deed niet enthousiast mee aan het lenteweer,  de temperaturen pakten zelden hoog uit  en geregeld viel er neerslag.
In mei volgden er een aantal warme dagen aan het begin van de maand,  waarna het weer wat wisselvalliger werd.
Eind mei stormde het zelfs gedurende lange tijd aan de kust.

Op dezelfde toer ging het weer voort in juni,  met soms een paar warmere dagen maar vaak was het vrij koel en licht wisselvallig.
De maand juli was niet heel slecht,  dit werd een vrij warme maand,  maar augustus verliep koel en tijdens deze zomermaand gebeurden een tweetal ernstige ongelukken dankzij het weer.

In de ochtend van 11 augustus werden de kampeerders op camping Duinoord op Ameland onaangenaam verrast door een windhoos.
Deze trok vol over deze camping en liet een grote ravage achter.
Zo goed als alle caravans en tenten werden met de grond gelijk gemaakt  en er waren naast 100 gewonden ook vier dodelijke slachtoffers te betreuren.

















Later die maand was het raak in het zuiden.
In de ochtend kwamen er plots zeer dichte mistbanken opzetten en dat veroorzaakte een enorme kettingbotsing op de A16 bij Prinsenbeek.
Maar liefst 13 doden en 13 zwaargewonden vielen hierbij,  met name te danken aan het feit dat er verschillende tankwagens bij betrokken raakten die in brand vlogen.

September verliep koud, maar droog  en oktober was ook aan de frisse kant  maar eveneens vrij droog te noemen.
Na twee vrij rustige herfstmaanden kwam er reuring in de atmosfeer in november.
Op 12 november werd duidelijk dat er een zware storm richting Nederland koerste.
Terwijl deze het noordelijke kustgebied naderde begon deze ook nog eens uit te diepen.
In de nacht en vroege ochtend van 13 november trok de zware storm over het land  en duurde relatief kort.
Na de passage van de kern steeg in een uur tijd de barometer met 10 tot 12 hpa,  een spectaculaire stijging!

Wel werd er veel schade aangericht door de zware windstoten (tot 140 km per uur) en dan met name in het noorden van het land.
In Overijssel en Drenthe werd een groot deel van de bossen gewoonweg platgeblazen en in Friesland raakten daarnaast veel gebouwen beschadigd en sommige boerderijen stortten zelfs in.
Daarbij vielen ook hier weer een aantal dodelijke slachtoffers,  waarmee het weer in 1972 toch aardig wat ellende opleverde in ons landje.

De weerkaart met de stormdepressie zie je tegenwoordig nog terug als kunstwerk op het pleintje bij het hoofdkantoor van het KNMI in De Bilt.






















December verliep dan weer een stuk rustiger  en na een vrij zachte start werd het beduidend kouder in de tweede helft van de maand.
Net als in 1971 was het opnieuw ook een droge maand.


Neerslag 1972 in Gemert:

januari:     29,6
februari:   22,7
maart:      30
april:        52,7
mei:         95,6
juni:         59,5
juli:           90,4
augustus:    73,8
september:   49,5
oktober:       16,7
november:    67,4
december:    19,5

jaar:  607,4

maandag 21 oktober 2013

Hoe was het weer in? 1973

Januari begon in 1973 waar december 1972 was geëindigd:  een korte kou-inval,  gevolgd door een vrij   onopvallend verloop van de maand.
Geen zacht winterweer,  maar met 2,9 graden ook niet koud te noemen.
Het was wel een erg sombere maand met slechts 24 zonuren (alleen januari 1969 was nog somberder).

Februari 1973 was thermisch gezien identiek aan januari,  maar kende verder geen bijzonder weer,  of het moet een plens regen zijn op 12 februari (Ruim 37 mm lokaal in Friesland,  iets wat niet vaak voorkomt in februari).

Over maart  kan ook niet heel veel vermeld worden,  alleen dat het een vrij rustige maand was als een stilte voor de letterlijke storm.
Die bewuste storm kwam er op 2 april.
In de middag haalde de wind stormkracht 9 aan de kust (Vlissingen,  Hoek van Holland)  en tegen de avond bereikte de kern van de stormdepressie de wadden en kwam het tot windkracht 11 in Ijmuiden en Lelystad.

De storm leek veel op de storm van 13 november 1972, met name de baan waarover deze trok en onder meer ook de plek waar de storm ontstond (New Foundland)  en vanwege ook het feit dat het een storm was die niet erg lang aanhield.
De korte, maar hevige storm richtte wederom veel schade aan:  bomen op de Veluwe en in Utrecht die de vorige storm in november nog maar net hadden weten te overleven gingen er nu alsnog aan  en vele kassen in het Westland verloren hun ramen.

Het zendschip van Veronica (Norderney) liep tijdens de storm vast bij Scheveningen.
De bemanning gooide voordat ze zouden stranden vlug de zendkristallen van boord, zodat het juridisch gezien geen zendschip meer was.



















De maand april was een koude en wisselvallige,  met geregeld nachtvorst en hagelbuien.
In mei was het wel wat warmer, maar viel er ook veel neerslag,  met name op 21 mei toen er in De Bilt 34 mm viel en in Drenthe lokaal wel 50 mm:  voor meibegrippen erg hoge sommen.

Na een natte tweede juni (tevens een koele dag waarbij het hooguit 13,5 graden werd)  kwam het gauw goed wat betreft de zomer.
Vrijwel de rest van de maand viel er geen druppel regen en was het vrij warm te noemen.
De eerste week van juli hield het droge en zomerse weer nog aan,  met een tropisch warme 5 juli als hoogtepunt.
Vervolgens verviel de zomer (met name in de tweede helft van de maand) in koeler kwakkelweer.

Begin augustus poogde de zomer even terug te komen,  maar dat leverde wat hemels vuurwerk op  en een paar dagen buiig en winderig weer.
Echter nam daarna de hogedruk weer de regie in handen en volgden toch nog eens drie mooie zomerweken.

Een dipje eind augustus en begin september werd al gauw weer gevolgd door nazomer.
5 september werd nog bijna tropisch warm in De Bilt en ook daarna bleef het nog een langere tijd nazomeren.

Van nazomer was er in oktober minder sprake,  op een redelijk warme fase in het begin van de maand na.
Daar volgde een aantal weken koude en bij tijden behoorlijk natte periode op.

Eind november was er dan sprake van een eerste winterprik.
Met koude poollucht die over ons land uitstroomde werden er hagel -en sneeuwbuien aangevoerd.
In het noorden kwam het al tot een sneeuwdek van 10 -tot plaatselijk  21 centimeter.
Onder een heldere, windstille hemel zakte het kwik zelfs al onder de - 16 graden en kwam op 1 december op veel plaatsen niet boven het vriespunt uit.
Op 2 december werd het nog iets kouder (in Wageningen zelfs - 21,7) ,  maar dat zou ook het voorlopige winterse hoogtepunt worden.
De volgende dag draaide de wind naar het zuidwesten en was het voorlopig gedaan met de winter.


Neerslag 1973 in Gemert:


januari:   21,1
februari:  60,8
maart:     19,3
april:       77
mei:        78,4
juni:        48,2
juli:         73,8
augustus:   20,4
september:  43,2
oktober:      73,5
november:   55,6
december:   61,1

jaar:  632,4








donderdag 17 oktober 2013

Ter vermaack: een aantal soorten winters en zomers uitgelicht.

Het gros van de zomerseizoenen en winterseizoenen zijn vrij typisch Nederlands:  perioden van standvastig weer,  afgewisseld door (in de zomer) regen -en onweersbuien  of in de winter:  zacht herfstachtig weer.
Toch zijn er naast de gewone afwisselende seizoenen ook wat andere typen te vinden die nu en dan (en soms vaker)  voorkomen.

Een paar zomertypes uitgelicht:


De "Vroege-hoopgevende-zomer-die-vervolgens-compleet-inzakt"

Vaak is het dan in mei prachtig weer met een aantal zomerse dagen  en ook in de eerste helft van juni is het zomerweer wat de klok slaat,  maar dan vlak voor de langste dag.. *poef*  weg zomer!
Soms keert ze na weken herfstmoesson nog terug,  maar ooit mag je zelfs tot volgend jaar wachten.

Voorbeelden:  1966, 1980, 1988,  1993, 2007, 2011


De "opbouwende zomer"

Begin juni is het dan waardeloos weer:  het kwik haalt met moeite de dubbele cijfers,  het regent regelmatig  of in een zeldzaam geval wordt er zelfs natte sneeuw gezien.
Iedereen klaagt "waar is toch die zomer?!"  maar het komt goed:  enkele weken later (of in sommige gevallen vanaf de hondsdagen) zit gans Nederland te bakken en dat kan dan blijven duren tot in september.

Voorbeelden:  1975, 1991, 1995, 2012


De "topzomer"

Het type zomer "die zowat in mei begint"  (soms nog eerder).
Gewoon maandenlang warmte,  soms meerdere hittegolven  en de mensen in de straat beginnen zelfs naar regen beginnen te snakken,  om over boeren nog maar te zwijgen.

Voorbeelden:   1947, 1959, 1976, 1983, 2003


De "zomer waarin augustus even het neerslagtekort goed wil maken"

Twee zomermaanden is het prachtig zomerweer,  vaak ook erg warm.
Echter slaat het om in of net voor augustus  en volgt er een opeenvolging van buien, ondergelopen kelders, mensen in roeibootjes op straat en een mix tussen "neerslagtekort wegwerken"  en  klaagzangen van vakantiegangers die tijdens de hitte moesten werken en in augustus hun tentje zien wegdrijven op de camping in Renesse of Ameland.

Voorbeelden:  1917, 1941,  1969, 2006, 2010


Een aantal wintertypes


De "Vroege-hoopgevende-winter-die-vervolgens-compleet-inzakt"

Ook de winter kent dit type.
Het wordt erg koud in oktober of november  en men bericht al van het begin van een strenge winter  of op zijn minst een boel koudeliefhebbers beginnen stiekem te hopen dat de jahrhunderd-winter is aangebroken.
Maar in de echte winter valt het tegen of is het zelfs voornamelijk een westcirculatie van Canada tot in Japan.
In sommige gevallen wordt december een ware moesson  en hoewel er  vaak in  februari nog een winters stukje volgt,  balen winterliefhebbers de sneeuwballen uit hun broek.

Voorbeelden:  1965 - 1966,  1973 - 1974,  1980 - 1981, 1993 - 1994,   2003 - 2004


De "konijn uit de hoge hoed winter"

De winter lijkt kansloos:  december is zacht,  in januari valt er hooguit een verdwaalde sneeuwbui en ogen de weerkaarten eerst nog kanslozer dan een relatie met Gordon.
Dan verschijnt toch nog koning winter en zijn Russische Beer.
Eind januari en Februari wordt dan andere koek (en zopie):  koud met soms ook nog een elfstedentocht.

Voorbeelden: 1954, 1956, 1986, 1991,  2012


De "vuile winter"

Koud, guur kwakkelend winterweer.
De strijd tussen de zachte oceaanlucht en de kou uit het noorden en oosten vindt plaats boven of net naast Nederland  waardoor het zout in januari al op is,  de treinen amper rijden  en de sneeuwballen je om de oren vliegen.
In sommige gevallen kan er op straat geschaatst worden  of raken dorpen ingesneeuwd.
Hoewel het koud is  zit een elfstedentocht er dankzij sneeuw op het ijs  niet in.

Voorbeelden:  1970, 1979, 2010, 2013


De Echte winter.

Uitleg behoeft deze eigenlijk niet:  totale winter met alle aspecten van een winter.
Drie (of minimaal twee)  maanden Kou.

Voorbeelden: 1942, 1947, 1963 , 1985, 1996

Hoe was het weer in? 1974

Na een december die aan de koele kant was  begon het nieuwe jaar 1974 met een korte winterprik.
Heel lang hield het niet stand en de verdere maand was het zacht, maar niet echt onstuimig of nat te noemen.
Veel winterse aspiraties had ook februari niet,  de temperaturen liepen tegen het midden van de maand zelfs al een aantal dagen op in de dubbele cijfers.

Begin maart was het echter wel vrij koud:  in de nachten vorst en overdag enkele graden boven het vriespunt.
Langzaam krabbelde het op  en viel er geregeld regen,  tot de hogedruk rond het astronomische begin van de lente het heft in handen nam  en het zacht en droog werd.
Met name de eerste helft van april was warm en droog met een aantal warme dagen van 20+ graden.
In de tweede helft werd het iets koeler.

Inmiddels had het vanaf 21 maart niet of nauwelijks meer geregend  en pas ruim een maand later vielen er op grotere schaal weer wat verkwikkende druppels.
Even leek april 1974 op een bijzonder record af te stevenen met slechts 3 millimeter neerslag,  maar op de 29e regende het een tijdje harder door en eindigde de maand op een kleine 10 mm (in De Bilt,  in Gemert viel meer).

Aan de andere kant van de oceaan werden weer andere records gevestigd:  in de USA vond een tornado-uitbraak plaats met maar liefst 148 tornado's in twee dagen!
Dit record zou overigens in 2011 verpulverd worden.

Mei werd overigens geen uitschieter qua warmte en droogte:  een vrij modale en wat te koele maand die het begin van een periode met een aantal koelere maanden in zou luiden.

De zomer kende weinig uitschieters naar boven,  sterker nog:  op 10 juni werd pas de eerste zomers warme dag gehaald in De Bilt  en in juli kwam het kwik slechts af en toe boven de 20 graden.
Echt nat was de zomer ook niet te noemen overigens.

Na een paar natte dagen in augustus bleef het de rest van de maand droog en was het ook de beste maand van de zomer  met wat zomerse dagen.
Aan de droogte kwam met september op de kalender een abrupt einde.
Het begon vrijwel meteen te regenen,  te waaien en dat natte werk werd afgewisseld met wat buien en een enkele droge dag.

De temperaturen lagen vrijwel constant onder het gemiddelde  en ook van oktober hoefde weinig nazomer verwacht te worden.
Hier bepaalde een koudeput het weer,  met uiteraard weer de nodige regen  en wanneer de koudeput wegtrok waren er wel weer andere depressies om het een onstuimig, kil en nat feest te maken.

Boeren begonnen nu problemen te krijgen met de oogst:  door de vele regen zakten de landbouwmachines weg in de modder of begonnen de boeren niet eens aan een poging om met hun tractor het land op te gaan.
Het leger zou er uiteindelijk aan te pas moeten komen om te helpen oogsten.
In oktober kwam het naast de vele regen ook regelmatig tot nachtvorst,  waardoor de maand met slechts 7 graden gemiddeld,  zeer koud was.











Typerend weerbericht uit de herfst van '74



De depressietrein met vrijwel dagelijks regen denderde in november gewoon vrolijk verder.
Hiermee werd de herfst een extreem natte met neerslagsommen die landelijk varieerden tussen de 300 en ruim 500 millimeter.
Ondertussen besloten veel boeren het verdere oogsten maar op te geven.
Tussen 20 november en 20 december viel er (ook)  te Gemert iedere dag neerslag,  een record.

Omdat het in december op dezelfde toer doorging werd de aangevoerde lucht nu eerder veel te zacht dan te koel voor de tijd van het jaar.
Zo kan het gebeuren dat de wintermaand in De Bilt zelfs 0,3 graden warmer zou verlopen dan oktober!
De wind trok tijdens het passeren van de vele depressies ook regelmatig stevig tot hard aan.
Tijdens de kerst werd het ook ruim 12 graden  en aangezien er opnieuw veel regen viel  werd 1974 toch een behoorlijk nat jaar.

Uitzonderlijk is ook het voorkomen van vier opvolgende maanden met op veel plaatsen meer dan 100 millimeter neerslag.
In De Bilt kwam het eerder voor in 1930,  toen er vijf maanden na elkaar meer dan 100 millimeter viel.








Neerslag 1974  in Gemert:

januari:  57,4
februari:  53,7
maart:    67,7
april:    23,9
mei:    28,1
juni:   47,9
juli:    89,9
augustus:  63,5
september:  105,7
oktober:    108,2
november:  107,9
december:  124,3

jaar:  878,2

woensdag 16 oktober 2013

Hoe was het weer in? 1975

Na de recordnatte herfst ging het in december 1974 vrolijk verder met het zachte en natte weer,  dankzij een bulderende westcirculatie.
Deze wintermaand verliep ook zeer zacht  en met 1975 op de kalender wist het zachte en natte patroon nog niet meteen van wijken.
De neerslaghoeveelheden liepen wat terug,  maar januari was nog altijd veel te zacht.

Halverwege de maand verschenen de eerste beelden van velden vol madeliefjes, even later stonden de pruimen al in bloei en een enkele vlinder waagde zich in januari ook al buiten.
Van winter zou het nog wel een beetje komen in februari  en ook de regenkraan zou nog verder dichtgedraaid worden.
Goed nieuws voor de boeren,  die nog wat bieten konden oogsten welke  in de kletsnatte maanden daarvoor min of meer onbereikbaar waren geraakt in de blubber.

In februari volgen een aantal winterprikken,  maar geen groots winterwerk  waardoor de winter 1974 - 1975 op dat moment de zachtste is  met 5,5 graden gemiddeld.
Slechts drie winters zouden dit (tot aan 2013)  record aanscherpen.

Minder zacht begon de lente  met een wisselvallige en koele maart,  die met 4,9 graden kouder verliep dan januari en december.
Ook in april bleef het wisselvallig met vooral in de eerste helft van de maand geregeld winterse buien.  Mei verliep eveneens koel,  met een aantal flinke onweersbuien.
Na de zeer zachte winter dus geen warme lente en in het aantal zonuren scoort hij ook erg laag.

Begin juni was het ook niet bepaald zomer te noemen wanneer een bel koude lucht naar onze omgeving uitzakte en er buien vielen bij lage temperaturen.
Op 2 juni werd er tijdens die buien op sommige plekken zelfs natte sneeuw gezien!
In het Verenigd Koninkrijk is het zelfs zo dat er op een aantal plaatsen zich een sneeuwdek tot 2 centimeter vormde  en op de Schotse hooglanden kwam het zelfs tot 15 cm!

Na deze spectaculaire dip kwam het wel goed met de zomer.
De rest van de maand verliep een heel stuk warmer.
Wel vielen er zware onweersbuien op 23 en 24 juni,  waarbij er op een aantal plaatsen meer dan 100 millimeter werd afgetapt,  in Rotterdam en Gouda zelfs meer dan 140 mm met uiteraard een boel overlast tot gevolg.

In juli was het warm, maar ook geregeld onbestendig, zomerweer.
Regelmatig kwam het tot flink onweer in ons land wanneer vochtige hitte werd verdreven door droge koude lucht.
Tegen het eind van de maand werd er afscheid genomen van de opeenvolging van invallen van de warme -danwel koude lucht:  de warmte nam gewoonweg de regie in handen.

Op 29 juli begon daarmee een bijzondere hittegolf.
Deze is bijzonder vanwege het feit dat het voor het eerst sinds 25 jaar weer tot een hittegolf komt  en daarbij zal het ook een recordlange hittegolf worden die 18 dagen standhoudt.
De eerste decade van augustus 1975 had een gemiddelde temperatuur van 23,6 graden wat erg warm is voor Nederlandse begrippen (ter vergelijking:  juli 2006 is de warmste zomermaand met gemiddeld 22,3 graden).

















Na de hittegolf volgde nog prima zomerweer  en ook in september waren er een heel aantal prima nazomerdagen.
Echter gooide oktober het over een andere boeg.

De maand startte vrij zacht,  maar  vanuit het noorden stroomde rond 12 oktober erg koude lucht richting Nederland.
Hierin ontstond een kleine depressie  die er voor zorgde dat vele Nederlanders op 13 oktober zouden ontwaken in een witte wereld,  terwijl de grote vlokken nog bleven vallen!
Het was één van de vele extremen die 1975 kende op weergebied:  een boterzachte winter, begin juni natte sneeuw,  een recordhittegolf in augustus en vervolgens erg vroege sneeuw.


















Ook toen werden er al foto's gemaakt van sneeuw met daarbij de datum.

De maanden november en december deden echter niet veel geks:  november verliep wel vrij nat  en in het midden van december was er een koude periode met een aantal nachten matige vorst.
De wintermaand verliep hiermee wel een stuk kouder dan een jaar eerder.


Neerslag  1975 in Gemert

januari:   66,5
februari:  32,8
maart:    87,6
april:     49,3
mei:      20,2
juni:      83,6
juli:       102,5
augustus:  27,1
september:  63,6
oktober:     23,6
november:  84,6
december:  23,6

jaar:  665






dinsdag 15 oktober 2013

Hoe was het weer in? 1976

Het jaar 1976 was nog maar een ruime dag oud en het weer liet al flink van zich spreken.
Een zware storm trok over het Verenigd Koninkrijk met zware regenval en verschillende dodelijke slachtoffers als gevolg  en ging vervolgens ook  over Nederland en België.
Hier leverde dit ook veel schade op.
Bossen die in november 1972 al een zware storm hadden moeten verduren verloren nog meer bomen,  de Bonifatiuskerk in Leeuwarden verloor zijn spits en een kerk in Amstelveen verloor het complete dak.
Ondertussen werden door de hoge golven grote stukken duin weggeslagen,  waarbij op Ameland zelfs hotel Steinvoorte in de zee verdween en vlakbij het eiland zonk ook het schip Capella.
In Vlissingen werd een gat in de boulevard geslagen.
Tenminste tien mensen verdronken op volle zee  en op het vaste land van Nederland kwamen twee mensen om.
De storm haalde op verschillende plaatsen windkracht 11  en er werden windstoten waargenomen die orkaankracht bereikten.














Na de storm bleef het nog een tijdje zacht winterweer,  alvorens het richting eind januari flink kouder werd na het overtrekken van een storing met een aardig pak sneeuw.
Dit leverde een tijdje sneeuw -en ijspret op tot na de eerste week van februari de temperaturen weer geleidelijk opliepen.
Ondanks de verzachting bleef veel neerslag uit  en bleek dit een begin te zijn van wat later een problematische droogte zou worden.

Hoewel de temperaturen opliepen blijft de progressie in maart steken.
Het kwik zakt tussen 5 en 9 maart in de nachten diep onder het vriespunt en komt er overdag niet ver bovenuit,  zodat het een aantal dagen op rij tot een negatief etmaalgemiddelde komt.
Echter zo koud als in 1971 wordt het niet.
De temperatuur leefde vervolgens wel weer op, maar ook rond het begin van de astronomische lente zakte het gemiddelde nog eens onder nul.

In april was het ook nog niet warm, maar wel vrij droog en zonnig.
Tot laat in de maand kwam het tot nachtvorst,  op 29 april zelfs nog - 7,2 graden te Deelen.
De koelte verdween begin mei en maakt plaats voor zomerse warmte.
Een eerste zomerstoot was er waarbij de 30 graden ook al gauw een feit is in Volkel (7 mei)  en De Bilt bereikt dit op zondag 9 mei.
Na een vijftal dagen warm weer zakte de temperatuur weer en volgt een normalere periode voor mei.

Wel bleven grote neerslagsommen uit  en was de lente in zijn totaliteit erg droog.
In De Bilt is het tot dan de droogste lente van de eeuw  met slechts 66 millimeter neerslag  en ook in het aantal zonuren staat de lente op dat moment aan kop.

De zomer begon kil en somber  met een noord-westen wind.
Op 3 juni bleef het kwik steken op 11,6 graden in De Bilt,  waarmee de zonaanbidder niet bepaald vrolijk wordt.
Echter,  aan de zomer werd hard gewerkt door een uitloper van het Azorenhoog ons land toe te werpen die voor een kortstondige warme periode zorgde alvorens het weer even terugviel met koeler en af en toe ook regenachtig weer.

Het weekend van 19 en 20 juni valt compleet in het water wanneer een front stil komt te hangen boven het land en er aardig wat regen valt en op de zondag de temperatuur blijft steken op slechts 14 graden.
Maar voor de zonliefhebbers niet getreurd:  na deze dip (ook nog eens in het weekend)  nam hogedruk de regie over en de temperaturen stegen vlug evenals het aantal uren zonneschijn.

Slechts drie dagen na het verregende weekend begon een hittegolf die maar liefst 17 dagen zou aanhouden!
Na de hittegolf bleef het over het algemeen in de rest van juli en augustus gewoon doorzomeren.
Voor de zomerliefhebbers uiteraard prachtig,  maar voor de landbouw een serieus probleem.
Sinds februari is er weinig regen gevallen en dus moet het water op rantsoen en dreigen oogsten te mislukken.
Er waren zelfs boeren die bidden om regen.
















De schaduwzijde van droog zomerweer..

In september viel er meer regen,  maar het zijn echter geen enorme hoeveelheden.
Wel genoeg om de ergste droogte een beetje te blussen.
Echter oktober was,  zoals al veel maanden in 1976,  droog.

Hoewel november niet nat te noemen was,  was het zeker in vergelijking tot de zonovergoten zomermaanden een bijzonder sombere maand.
Slechts 20 uur schijnt de zon in De Bilt,  waarmee het de somberste november is sinds 1901.

De winter lijkt er echter wel aardig zin in te hebben in december met temperaturen die vaak rond het vriespunt schommelden  en een daling na de erg zonnige kerstdagen.
De laatste dagen van 1976 verliepen koud,  maar of dat een opmaat zou zijn voor een koude winter?

Zie:  Hoe was het weer in 1977?


Neerslag 1976 in Gemert:

januari:  84,2
februari:  17,6
maart:   28,4
april:     6,4
mei:      41,5
juni:     24,1
juli:      35,1
augustus:  26
september:  67,8
oktober:     38
november:   73,7
december:   61,9

jaar:  504,7


woensdag 9 oktober 2013

2013 is een jaar van te koude maanden, maar hoe bijzonder is dat?

Met een waarschijnlijk ook te koele oktober op te kalender gaat 2013 de geschiedenis in als een jaar met behoorlijk veel te koude maanden voor het langjarig gemiddelde.
Nu ligt dat langjarig gemiddelde uiteraard ook behoorlijk hoog na de warme jaren '90 en jaren '00  waarin er jaren voorkwamen waarin bijna iedere maand te warm verliep.

We nemen er de langjarige gemiddelden bij die zijn berekend door het KNMI,  maar ook oude langjarige gemiddelden die ik zelf heb berekend  aan de hand van de gegevens van De Bilt op Mscha.org.

De gemiddelden  per maand  zijn als volgt:

















Opvallende feiten uit de gemiddelden zijn dat vooral september erg stabiel is:  tussen 1921 en 1950 haalde september gemiddeld 14,2 graden  terwijl dat tussen 1981 en 2010  slechts 0,3 warmer is.
De late herfst -en wintermaanden zijn het sterkst opgewarmd (grootste verschil is januari met 1,7 graden).
Ook juni blijkt door de jaren heen een vrij stabiele factor:  vaak hing het gemiddelde op 15,2  en pas sinds 2010 kwam daar bijna een halve graad bij,  maar dat is slechts 0,2 warmer dan tussen 1931 en 1960.


De vraag is echter:  hoeveel jaren hebben 6 of meer te koude maanden?

Hierbij heb ik alle jaren tot aan 1951 bekeken  waaruit opviel dat de 6 (waarschijnlijk 7)  te koude maanden van 2013 niet heel erg bijzonder zijn als je het bekijkt over al die jaren.

Hierbij ga ik uit van het feit dat een maand tussen 0 en 0,2 graden mag afwijken voordat deze te warm of te koud is.

Tussen 1951 en nu  rollen daar de volgende jaren uit:

2010:   7 maanden te koud
1996:   7 maanden te koud
1985:   6 maanden te koud
1984:   6 maanden te koud
1980:   6 maanden te koud
1979:   8 maanden te koud
1978:   7 maanden te koud
1972:   7 maanden te koud
1970:   7 maanden te koud
1966:   6 maanden te koud
1965:   9 maanden te koud
1964:   8 maanden te koud
1963:   9 maanden te koud
1962:   9 maanden te koud
1958:   6 maanden te koud
1956:   6 maanden te koud
1954:   6 maanden te koud


Dat levert dus een aardig rijtje op.
Dat daarin ook een aantal grote winters voorkomen is natuurlijk geen wonder.
En ook een aantal koude jaren vormen clusters,  met daarin 5 opeenvolgende jaren in de jaren '60  toen de gemiddelden van 1931 - 1960 golden.
De kou in de sixties zorgden ervoor dat tien jaar later de meeste maanden een gemiddelde temperatuur toebedeeld kregen die soms 0,4 graden lager lagen!

In 2013 is tot dusver de grootste afwijking maart met maarliefst  3,7 graden in de min ten opzichte van het langjarig gemiddelde.
Voor maart is dit een heel bijzonder gegeven,  waarschijnlijk moet je ver terug om een vergelijkbare afwijking in de min te vinden voor deze lentemaand.
De andere koude maanden bivakkeren tussen 1,6 en 0,3 graden te koud.


In de periode 1951 - 2013  de tien maanden die verhoudingsgewijs het koudst zijn:

01.  Februari 1956      - 8,7
02.  Januari 1963        - 7,0
03.  Februari 1986      - 5,9
04.  Februari 1963      - 5,5
05.  December 2010   - 5,1
06.  Januari 1985        - 5,0
07.  Januari 1987        - 4,7
08.  Januari 1979        - 4,6
09.  December 1969   - 4,4
10.  December 1995   - 4,1


Leuk om te zien hoe december 2010 zich tussen een boel oude klassieke wintermaanden heeft geschaard.
De afwijkingen in zomer,  lente -en herfstmaanden is minder groot.
De koudste maanden die niet toebehoren aan de meteorologische winter zijn  november 1993 en maart 2013 met een afwijking van - 3,7



Of de winter 2013 - 2014 ook koud gaat worden is de vraag.
Er heerst sinds 2008/2009 een patroon waarin elke winter minstens één koude (sneeuwrijke) wintermaand voorkomt,  maar dat patroon kan zomaar worden doorbroken,  of de komende winter gaat ook nog even uithalen natuurlijk.



dinsdag 13 augustus 2013

18 juni 1966: een zwaar buiencomplex.

De zomer van 1966 was een zeer natte.
Na een mooie meimaand en een warme start van juni sloeg het weer om in een opeenvolging van zware buien en andere natte invallen.

Op zaterdag 18 juni breekt er een zwaar onweer los wanneer een storing vanuit het zuiden noordwaarts naar de Duitse bocht trekt.
Het regent (en waait op sommige plekken) flink door.
Klazienaveen is met slechts 8 millimeter de droogste plek,  terwijl er op grote schaal 30 tot 80 millimeter valt.
Voor Gemert is een som van 62,3 millimeter het nog altijd staande dagrecord,  maar een landelijk neerslagrecord wordt er niet bereikt want nergens valt er meer dan 89 mm.
Hetgeen wel in België gebeurt waar in de Ardennen een aantal plaatsen meer dan 100 mm aftappen.


maandag 12 augustus 2013

Reconstructie: oude neerslagkaart(en).


Een klein beetje plagiaat?
In elk geval een leuk overzichtje van de neerslagsommen uit lang vervlogen tijden.
Sinds 1951 zijn er een boel neerslagstations van het KNMI,  dus genoeg oudere gegevens om op te zoeken  en te verwerken tot een overzichtje.

Het eerste is een kaartje dat een beetje weergeeft hoeveel water (al dan niet als hagelstenen) er naar beneden kwam tijdens een zwaar onweer in de nacht van 3 op 4 juli 1952.
De grootste sommen vielen in west-Brabant  met Steenbergen als absolute uitschieter naar 123,7 millimeter.

Je ziet ook  dat de zwaarste neerslag in een strook van zuidwest naar noordoost ligt en limburg,  delen van de achterhoek, en veel westelijke en noordelijke delen van de kustprovincies relatief droog bleven met sommen tussen de 2 en 20 millimeter.

Een vervolg komt er nog,  met onder meer de uitzonderlijk natte 3/4 december 1960  en een stevig buiencomplex (onweer) in juni 1966 (waarbij Gemert de tot dusver hoogste neerslagsom haalde sinds 1951.)
Voor het stuk over de zware buien op 24 augustus 2002 maak ik tot slot nog een extra versie.

vrijdag 26 april 2013

Op naar de laatste koninginnendag met Beatrix

Met de voorlopig laatste koninginnendag in zicht blik ik eens terug op alle koninginnendagen tijdens de periode dat Beatrix onze koningin was.
Hoe was het weer  en  zien we inderdaad die trend van een opwarmend eind van april?

30 april 1980
Juliana's verjaardag viel op 30 april,  maar de verjaardag van Beatrix op 31 januari.
Om de inmiddels ontstane traditie van buitenactiviteiten en feesten in leven te houden besloot men om 30 april als koninginnendag aan te houden.

De inhuldiging van Beatrix verloopt met heerlijk voorjaarsweer.
Het is een zonnige dag en de temperaturen halen liggen tussen de 14 °C aan de kust en  18 °C in het zuiden,  het blijft daarbij droog.


1981
Druilerige koninginnendag met ruim 10 mm neerslag in Volkel en 7 mm in De Bilt,  het regent een groot deel van de dag en de zon laat zich niet zien.
Temperaturen komen niet hoger dan 11 °C

1982
Warm is het ook niet te noemen in 1982: de temperatuur stokt op de meeste plaatsen tussen de 8 en 9,5 °C  en daarbij regent het ook een tijd.
De zon laat zich wel eventjes zien.

1983

Na een aantal natte dagen herstelt het weer zich op koninginnendag.
Op veel plaatsen is de temperatuur op koninginnendag een verdubbeling van een jaar eerder,  rond de 18 °C.
Het is daarbij ook een hele zonnige dag.

1984
Op wat regen in het zuiden na (vermoedelijk 's nachts)  is het een droge en zonnige dag.
De temperaturen slechts ietsje lager dan in 1983,  zo tussen de 16 - 17 °C.

1985
Koel voorjaarsweer waarbij op de meeste plaatsen de temperaturen niet aan de 11 °C raken.
Daarbij is het bewolkt  en valt er op een aantal plaatsen ook een buitje.

1986

Aan de kust is het wat koeler dan in het binnenland (13 - 16 °C),  maar met veel zon, een licht briesje en geen regen een aangename dag.

1987
Wat minder zonnig en met een buitje verloopt koninginnendag 1987.
Daarbij wordt het wel lekker warm,  op de meeste plaatsen stijgt de temperatuur boven de 20 °C

1988
Ook ditmaal wordt het warm,  met een afwisseling van zon en wolkenvelden:  20 - 21 °C.
Het blijft nu ook helemaal droog.

1989 (29 april)
Koeler dan de twee voorbije jaren:  13 tot 16 °C  maar wel veel zon.

1990
Opnieuw een warme koninginnendag  met temperaturen die tussen de 20 en 22 °C liggen, waarbij de zon ook uitbundig schijnt.

1991
Een dag van tegenstellingen.
In het noorden is het aardig weer met geregeld zon, maar warm is het echter niet (ongeveer 11 °C hooguit).
In het midden is het de hele dag bewolkt  en in het zuiden is het ronduit slecht: koud (maximaal 8 - 9 °C) met langdurige regen.

1992
Niet heel veel beter is het dit jaar.
De zon laat zich af en toe zien,  er valt een beetje regen  en de temperaturen liggen tussen de 12 (noorden-kust) en 15 °C

1993
Anders is het in 1993.
Zonnig, droog en de temperaturen zijn het hoogst van alle koninginnendagen sinds 1949.
In Eindhoven wordt het zelfs bijna exact 20 °C warmer dan in 1991 met een zomerse 28 °C.
In De Bilt blijft het kwik een tiende onder de 27 graden steken,  maar desondanks voelt dat net zo zomers aan.

1994
Tegenstellingen tussen noord en zuid zijn groter in 1994.
Hoewel het zonnig en droog is  is het in Leeuwarden hooguit 14,6 °C  terwijl in het zuiden de 20 graden makkelijk wordt overschreden.

1995 (29 april)
Qua temperaturen doet koninginnendag 1995 het wat rustiger aan (tussen de 10 °C aan de noordkust  en 16 °C in het binnenland)  en er is een afwisseling van zon en wat wolkenvelden.
Droog blijft het wel.

1996
Deze begint koud (lichte nachtvorst in het binnenland),  maar overdag,  met een zonnetje, worden op een aantal plekken in het binnenland de 15  °C  gehaald.

1997
Opnieuw een zonnige dag  met een typische temperatuurverdeling van vrij koud aan de kust en 16 °C  in het binnenland.  Ook nu blijft het droog.

1998
Bewolkte dag met slechts een paar opklaringen in de middag.
De temperaturen zijn vrijwel vergelijkbaar met een jaar eerder.

1999
Zonovergoten dag met in het zuiden een warme dag (boven de 20 °C).
In het noorden en westen blijven de temperaturen iets achter (14 - 17 °C),  maar dat mag de pret niet drukken.

2000 (29 april)
Na een reeks mooie en vooral ook droge koninginnendagen is het anders in 2000.
Er valt af en toe regen,  de zon laat zich niet zien  en het wordt niet warmer dan 15 °C.
In het noorden is het iets beter ditmaal,  daar wordt het op een aantal plaatsen 18 °C  en schijnt de zon af en toe.

2001
Prima voorjaarsweer met in het zuiden 20 °C en veel zon.
In het midden vallen daarbij ook wat buien  en liggen de temperaturen rond de 17 °C (aan de kust nog iets koeler).

2002
Deze dag verloopt minder fraai.
Het is bewolkt  en in het westen en noorden regent het langere tijd en wordt het niet warmer dan 14 °C

2003
Tegenvallend weer is het opnieuw in 2003.
Na een mooie periode in april slaat het om en onder meer Koninginnedag verloopt grijs en buiig.
In het oosten valt op een aantal plaatsen ruim 10 millimeter.
Het enige dat wel redelijk is  zijn de temperaturen,  die zitten tussen de 14 en 16 °C.

2004
Warm en zonnig met temperaturen die op een aantal plaatsen boven de 24 °C uit weten te stijgen.
Echter is het geen stabiel weer,  want later op de dag gaat het van het zuiden uit onweren.
Sommige buien pakken zwaar uit met veel hagel (in zuid Limburg)  en wolkbreuken in onder andere Eindhoven,  waar de binnenstad in een zwembad verandert.

2005
Een veelal bewolkte, maar toch droge en warme dag.
Het wordt op een aantal plaatsen 20 °C,  maar de feestvierders hebben eigenlijk een beetje pech:  op 1 mei 2005 wordt het zonnig en volop zomers,  zelfs tropisch warm in het zuiden.

2006 (29 april)
Gure koninginnendag met slechts 11 °C  als hoogste temperatuur.
Er vallen een aantal regen -en hagelbuien,  maar tussendoor schijnt de zon ook nog geregeld.

2007
Een dag die een bijzondere droge en warme april afsluit in stijl.
Het wordt op veel plaatsen 20 °C  met een strakblauwe hemel.

2008
Niet koud, maar ook niet heel mooi te noemen.
Af en toe zon  en wat buien in de ochtend en vroege middag.
De temperaturen liggen tussen de 14 en 16 °C.

2009

Prima weer met veel zon en temperaturen tussen de 16 en 20 °C.

2010

Nadat het op 29 april warm werd  ging het 's nachts onweren en volgde een heel ander weertype op koninginnendag.
De dag start vrij guur met wind en regenbuien,  maar later op de dag zijn er brede opklaringen en in het zuiden (Maastricht) wordt het zelfs nog 19 °C

2011
Weer een prima dag met veel zon en temperaturen rond de 20 - 21 °C.

2012
Na een wisselvallige en koele periode  knapt het weer flink op.
Veel zon en op veel plaatsen wordt het 22 - 23 °C.

De meeste koninginnendagen verlopen dus vrij aardig tot echt heel mooi.
Op de slechtere koninginnendagen zijn er doorgaans ook delen van het land waarbij het nog zonnig of zelfs vrij warm wordt.
Echt koud is het de voorbije jaren niet meer geweest, al lijkt 2013 wel een vrij frisse te worden.

vrijdag 22 maart 2013

Overzicht van het bijzondere weer per jaar (1989 - 1960)

1989:
Erg zachte winter met slechts 1,9 hellmannpunten.
Depressie die over Nederland trekt zorgt op 26 februari voor recordlage luchtdruk(956 hpa),  zonder storm.
Zachte en natte maart.
Koude april.
Recordzonnige en droge mei.
Droge en warme zomer (na een natte start van juni).
Koud einde van november en begin december,  maar daarna een zacht vervolg van de winter.
Droog en warm jaar.

1988:
Eerste drie maanden erg nat.
Somberste jaar van de afgelopen eeuw.
Droge april  en een warme mei.
Sombere, koele zomer (met name juni erg somber).
24/25 september veel regen.
Erg zachte en sombere december.

1987:
Koude januari,  14 januari extreem lage gevoelstemperatuur door harde wind (- 28 graden).
Veel sneeuw in het noorden.
Koude maart met de ijzelramp in noord-Nederland.
Erg zachte april.
Koude mei.
Erg sombere juni.
Matige, natte zomer.
Zware storm in oktober.
Eerste helft december vrij koud,  daarna zacht.
Somber jaar (1988 verbrak echter meteen het sombere record met nog minder zonuren).

1986:
Koude en erg droge februari  met elfstedentocht.
Storm op goede vrijdag (28 maart).
Nat einde van een aardige zomer (dankzij orkaanrestanten).
Witte kerst (in elk geval in Gemert).

1985:
Koude, droge winter  met de eerste elfstedentocht sinds 1963 in februari.
Matige zomer.
Nazomerweer eind september - begin oktober.
Koude november met geregeld sneeuw.
December zacht.

1984:
Natte, onstuimige januari  met op 22 januari een heuse sneeuwstorm.
Koude lente.
Opnieuw een sombere, natte mei.
Droge, maar vrij koele en sombere zomer.
Ook september erg somber.
Natte herfst.
Zachte, maar droge december.

1983:
Erg zachte januari.
Storm begin februari (30 jaar na de watersnoodramp).
Koele en natte lente,  vooral mei erg nat en erg somber.
Kanaalrat tijdens hemelvaart met een boel ongelukken tot gevolg.
Na de natte lente volgt een droge en warme zomer.
Vrij droge herfst  met begin oktober nog een zomerse dag in het zuiden.
Eind november een zeer diepe depressie (954 hpa op de wadden) , maar geen zware storm,  wel veel regen (in een verder zo goed als geheel droge maand).

1982:
Januari koud (maar niet lang genoeg voor elfstedentocht).
Zonnige en warme mei.
Hittegolf eind juli, begin augustus.
Natte oktober.

1981:
Onstuimige januari en deels februari,  gevolgd door een tijdje winter in februari.
Erg natte en erg sombere maart.
Koud weer met pasen.
Matige zomer (echter niet heel nat).
Erg natte oktober , met op 6 oktober een vliegramp in Moerdijk,  veroorzaakt door een windhoos.
Koude, sneeuwrijke december  met bijhorende witte kerst.

1980:
Koude januari
Droge meimaand,  droogterecord wordt op de valreep voorkomen door een plens regen.
Droog en warme start van de zomer, maar vanaf half juni tot eind juli is het slecht met veel regen.
Vroege ijsdag (3 november) in een korte periode met onvervalst winterweer.
Actief koufront op oudjaarsavond met onweer en zware windstoten.

1979:
Zeer koude kwakkelwinter  met veel sneeuw en ijzel.
Sneeuwstorm midden februari  waarbij het gewone leven compleet platligt in het noorden van het land.
Zeer natte lente.
Koude start van mei met zelfs een pak sneeuw in een deel van het land.
Zwaar onweer eind mei.
Vrij droge, maar koele en sombere zomer.
Zachte en natte december (uitschieter naar +15 in het zuiden op 7 december).

1978:
Storm begin januari (in een serie van verscheidene stormen, beginnend in november 1977).
Ijzel midden maart  met vele ongelukken tot gevolg.
Veel sneeuw op 11 april in het noorden en westen.
Koele en sombere zomer.
Veel regen eind september  in een verder erg droge herfst.
Onstuimige, grillige en natte december met thermische uitschieters naar boven en beneden.
Voorproefje van de moeder aller vuile winters in januari en februari 1979.

1977:
Zachte en natte winter.
Zachte maart met op 9 maart al een 18 graden in Venlo.
Eind maart en in april kouder.
Veel zon in mei.
Vrij koele en sombere zomer.
Augustus in Gemert zeer nat.
Droge september en oktober  met nog 20 graden op 21 oktober.
Zeer natte en stormachtige november.
December ook zacht, maar niet nat.

1976:
Zware storm op 2/3 januari.
Maart en april zonnig, droog en koud.
Volop zomer van mei tot en met augustus  en ook erg droog.
Erg droog jaar.
Leuke trivia: na een zonnige en droge zomer volgde de somberste november van de afgelopen eeuw (20 zonuren).

1975:
Erg zachte winter.
Vrij koele lente  en start van de zomer.
Warme maar niet stabiele juli (met soms zware buien).
Langste hittegolf van de voorbije eeuw in augustus (18 dagen in de Bilt).
Sneeuw op 13 oktober.

1974:
Droge lente (met name de periode vanaf de derde week van maart tot eind april vrijwel geen regen).
Ondanks droogte pas laat de eerste zomerse dag (14 juni).
Vrij droge, zomer,  maar qua temperatuur geen hoogvlieger.
Zeer natte en koude herfst,  met een hoop problemen betreft het oogsten.
December ook nat en zacht.

1973:
Erg sombere januari.
Zware storm op 2 april.
Koude april.
Droge en warme zomer.
Na een korte herfstinval ook nazomerweer tot midden september.

1972:
Koude januari.
Lente met een aantal lange droge perioden in april en maart  en ook vrij warme dagen in maart.
Storm aan de kust eind mei.
Koele juni.
Windhoos op Ameland in augustus,  met 4 doden als gevolg.
Nog meer leed door plotselinge mist op 25 augustus,  met als gevolg een grote kettingbotsing met veel slachtoffers.
Zeer zware storm op 13 november (windkracht 11 in het westen en noorden).
Droge december.

1971:
Na een vrij normale winter  volgt een koude maart inclusief sneeuw en een heuse koudegolf.
Te wageningen vriest het op 7 maart bijna 19 graden.
Zachtere april, met een koud slot.
Droge juli en augustus  met soms zeer koude nachten voor de tijd van het jaar.
Vroege nachtvorst in september.
Droge herfst.
Warmte op 21 oktober (21 graden in Maastricht).
Zachte, maar droge december. (sowieso een droog jaar).

1970:
Koude kwakkelwinter met geregeld sneeuw.
Natte februari.
Ook in maart dagen achtereen sneeuw.
April ook niet bepaald warm  met begin april een reeks van 8 sneeuwdagen en een koude koninginnendag met hagelbuien.
Warme en droge juni en augustus,  juli wisselvalliger en nat.
Veel regen op 16 september (ruim 80 mm in Culemborg).
Warme uitschieter op 11 oktober (Ruim over de 20 graden).
Zachte periode in november (uitschieters tot 17 graden in het zuiden).

1969:
Erg sombere januari.
Koude februari  met op 16 februari veel sneeuw,  in Gemert het record vanaf 1951 met 24 cm.
Koude maart,  met in het midden van de maand drie ijsdagen in het noorden bij een harde oostenwind.
Na de koude maart een periode begin april met hoge temperaturen (bijna 25 graden in Limburg), maar later in de maand ook weer sneeuw.
Warme en droge juni en juli,  gevolgd door een warme maar ook erg natte augustus.
September en ook de verdere herfst weer heel droog.
Koude december.

1968:
Koud begin van januari.
Warme april waarin op 21 april de eerste tropisch warme dag werd gehaald in Venlo (32 graden)
Vrij natte en koele zomer.
Koude en droge december (na 3 kletsnatte decembers op rij).

1967:
Vrij zachte winter.
Zware storm in februari (met name op de wadden en de Duitse bocht heftig met veel schade).
Vrij warme en droge zomer (na een aantal matige zomers).
Tornado's in Chaam en Tricht op 25 juni  met ook veel schade en slachtoffers.
Natte herfst met uiteraard ook een zware storm op 17 oktober.
Ook december opnieuw nat,  maar wel iets minder dan 1965 en 1966.

1966:
Erg natte winter (waar vooral december 1965 een fiks aandeel in had met overvloedige regen).
Op 15 januari zware sneeuwval.
Midden februari vuil winterweer met sneeuwstormen en ijzel (het noorden het zwaarst getroffen, zoals vaker).
Natste zomer van de voorbije eeuw,  op 19 juli zware regenval in het midden van het land,  De Bilt tapt 61 mm af  en Veenendaal ruim 100.
Na een rustigere periode qua regen zijn november en december weer kleddernat.
Net als 1965 een erg nat jaar dus,  in Gemert nog altijd het natste jaar met iets meer dan 1000 mm.

1965:
Koele lente,  die vanaf april ook behoorlijk nat is.
April de natste in de Bilt (ruim 100 mm).
Het natte en koele weer gaat ook door in de zomer.
September en oktober zijn vrij droog.
In november eerst heel zacht,  waarna het aan het eind van de tweede week echt koud wordt  en het tot ijsdagen en bijna strenge vorst.
Op 20/21 november volgt een sneeuwstorm in het noorden.
Daarna dooi  en erg veel regen (december met ruim 190 mm in de Bilt),  op plaatsen in de ardennen valt er meer dan 150 mm in tien dagen.

1964:
Vrij koude en droge winter.
Eind februari zacht (15 graden).
Koude maart,  gevolgd door vrij zachte april.
Vrij droge en verder normale zomer.
Op 13 juni een vroege hete dag (34 graden in het zuiden).
Oktober koud en nat.
Witte kerst.

1963:
Zeer strenge winter  met een helse elfstedentocht op 18 januari.
Later in januari een sneeuwstorm in het noorden die het leven daar ontwrichtte.
Begin maart nog koud, maar daarna krabbelen de temperaturen op.
April zacht (zeker voor die tijd).
Vooral augustus een koele en natte zomermaand.
November zacht en nat.
December koud en droog.

1962:
Na een vrij normale winter volgt een koude lente, zelfs mei komt niet boven de 10 graden gemiddeld.
De zomer verloopt ook koel, maar droog (in het zuiden en Belgie ook vrij zonnig).
November ook al vrij koud en december is het koude begin van een zeer strenge winter.
Zeer dichte mist op 5 december.

1961:
Erg zachte uitschieter in februari:  19 graden op de veluwe op 17 februari.
Een maand later volgt ook de vroegste warme dag in De Bilt.
Warme april
Vrij normale zomer.
Aparte oost-noordoosterstorm in november.
Natte december  met een zachte sinterklaas (ruim 13 graden).

1960:
Storm in januari (windkracht 10 in Den Helder).
Langdurig regen eind januari (23 uur in De Bilt).
Droge lente.
Augustus nat.
Midden oktober erg veel regen (56 mm in De bilt op 12 oktober  en met een vergelijkbare som van 11 en 13 oktober daarbij opgeteld valt er 100 mm in drie dagen).
Ook begin december valt er een flinke plens water,  in een groot deel van het land wel 50 mm.